‘Een ‘vestinkie om’ met Edammers, omdat die allemaal wel een verhaal hebben wat alleen wij binnen de vestingmuren zo goed kunnen begrijpen. We spreken af op een favoriete plek naar keuze in onze stad, waarna we richting de vesting lopen. Daar begint het ‘vestinkie om’, waarin ik mijn medewandelaars beter leer kennen door hun vertellingen. Foto Cor Kes www.luxphotography.nl.
Op de Dam, in het hart van onze stad, ga ik zitten. Met het zicht op de Speeltoren zie ik klokslag half vier in mijn linkerooghoek Jan met een uitgestrekte hand naar me toe lopen. Via ons app-contact had ik al begrepen dat hij flink wat kilometers in de benen zou hebben; namelijk een vijf daagse ‘Elfstedenwandeltocht’ van ruim 200 kilometer, uiteraard in Friesland. Zijn naam wist ik op de juiste manier thuis te brengen, maar ik kende hem nog niet persoonlijk en daarom ben ik heel nieuwsgierig en verheugd om een ‘vestinkie om’ met Jan van de Nes te lopen.
‘Navel van de wereld’
“Ik heb heel veel gereisd in mijn leven. De mooiste vergezichten in zeer afgelegen gebieden als Spitsbergen en Kamchatka heb ik gezien, maar er is oprecht niets mooiers dan deze plek. Het centrum van Edam is voor mij ‘de navel van de wereld’. Hier ben ik thuis!”, zegt Jan. Vanaf dit punt lopen we via de Hoogstraat en de Baanstraat naar de Eendenvijver. “Hier is het voor mij begonnen”, zegt Jan als hij wijst naar zijn ouderlijk huis, pal naast het huis op de hoek van de Burgemeester Versteeghsingel en William Pontstraat, dat onlangs volledig opnieuw opgebouwd is. “Ik ben op de Molenwerf geboren en vanaf mijn tweede jaar ben ik hier komen wonen en ik herinner mij deze plek als fundament voor een hele fijne jeugd”.
‘Voetballen’
Die fijne jeugd kenmerkt zich vooral door sport. “Op de ‘Balkenhaven’ heb ik leren schaatsen.” Zijn vader en moeder, Cor en Nel van de Nes, waren altijd al betrokken bij vrijwilligerswerk voor EVC. Dat Jan zelf ook graag voetbalde, wordt duidelijk als we de Zuidervesting op lopen. Daar waar bij het begin het pad naar beneden gaat richting het wijkgebouw, was in Jans jeugd alleen maar een groot grasveld. “Die boom daar was een doelpaal en een jas was de andere paal”. Door zijn ouders is het vrijwilligerswerk bij EVC hem met de paplepel ingegeven. Als we bij de Westervesting lopen, ter hoogte van de Triade, legt Jan uit dat achter de toenmalige Ambachtsschool het EVC terrein lag. “En die bomen die daar nu nog staan lieten in de herfst alle bladeren vallen en dus hielp ik als jonge knul mee met het aanharken van het voetbalveld”.
‘Uitwaterende Sluizen’
Inmiddels zijn we al de ‘Uitwaterende Sluizen’ aan de Schepenmakersdijk gepasseerd. Maar niet nadat we daar even hebben stilgestaan aan de achterzijde op de ‘Kastanjevesting’. Jan heeft immers bijna 45 jaar trouwe dienst verleend aan de waterschapswereld: in Edam, Middenbeemster en Heerhugowaard. De panden aan de Schepenmakersdijk worden momenteel flink gerenoveerd. Jan herinnert zich nog goed hoe hij na een fusie weer tijdelijk op deze locatie kon werken. Hoe hij in de grote raadszaal zat te notuleren. En uiteraard het prachtige uitzicht dat hij vanuit zijn kantoor had op de straat en op de theekoepels. Inmiddels heeft Jan de pensioengerechtigde leeftijd bereikt en geniet hij dagelijks van een kwartiertje later opstaan en laat hij het ‘droge voetenwerk’ aan een nieuwe generatie over.
‘EVC’
Als we even op de Kettingbrug stilstaan bij de magie van dit punt is een uitstapje van de vesting af snel gemaakt. “Kunnen we even het EVC terrein op?”, vraagt Jan. Ik laat me graag meevoeren door zijn enthousiasme. Met trots laat hij bij binnenkomst het grote bord zien, dat verwijst naar zijn vader; de ‘Cor van de Nes tribune’. En als we doorlopen langs het A-veld, wordt mij duidelijk dat een jaar geleden Jan zelf is benoemd tot erelid van EVC. Als blijk van waardering voor alles wat hij ruim veertig jaar vrijwillig heeft gedaan voor de jeugd van EVC, is zíjn naam gegeven aan het A-veld, en staat dit vereeuwigd op een eigen bord. Het is een ontroerend punt met in het verlengde op de achtergrond de tribune van zijn vader. In alle bescheidenheid heeft hij deze eretitel in ontvangst genomen en hij laat met trots zien wie zijn voorgangers waren die met naam en toenaam staan vereeuwigd in natuursteen op het EVC gebouw. Jan neemt me mee naar binnen en wijst op een foto van de eerste steen legging van dit pand in 1978, die in de hal van het gebouw hangt. Ik sta oog in oog met mijn eigen opa Huurdeman, erevoorzitter van EVC.
‘Toekomst’
Vanaf deze ‘heilige grond’ met dat rijke verleden, stappen we weer de Baandervesting op, die symbool staat voor Jan zijn toekomst. Hier staan we stil bij het huis van Ilse, zijn liefde. Ze zijn al dertien jaar samen en in de weekenden is hij hier graag. Hij verwacht dat hij hier te zijner tijd zijn intrek zal nemen om samen met Ilse op de vesting oud te worden. Op steenworp afstand van zijn ouderlijk huis waar hij ooit is opgegroeid. En dan is de cirkel weer rond.