We zijn terug! Met nieuwe en oude momenten, kleine herkenningen, en een vleugje nostalgie. Twee zussen uit Volendam. Gudy schrijft, Angelique schildert.
Deze week merkte ik hoe mijn vroegere sociale leven zich langzaam maar zeker begon te herpakken. Naast die met kapster en mondhygiëniste, had ik zowaar weer nieuwe afspraken in mijn agenda gezet en – dubbelcheck – op de Marjolijn Bastin weekkalender aan de keukenmuur. Netjes en vol aandacht opgeschreven, wat onwennig na al die blanco pagina’s.
Zo ging ik dinsdagavond na een eeuwigheid voor het eerst weer naar de koorrepetitie. En hoe ik ook terugrekende en peuterde in mijn geheugen, ik wist echt niet meer hoe lang geleden het was dat ik in het groepje sopranen stond en het hoogste lied zong. Minstens anderhalf jaar uit mijn curriculum vitae gewist, alsof die periode niet eens bestaan heeft.
En wanneer is het tijd om de balans op te maken na achttien maanden leven met Corona? Al die tijd heeft de pandemie de inhoud van kranten en talkshows bepaald. De levens van veel mensen ontwricht en de horeca, kunst-, cultuur- en evenementensector een flinke klap toegediend. Met de economie valt het achteraf allemaal wel mee. De grote concerns maken nog steeds winst en volgens onze demissionair minister-president Rutte staat ons land er goed voor.
Eerlijk gezegd: bij al het leed dat ik hierboven aankaart, valt het netflixend chillen op de bank, testen, prikken en het discussiëren over wel of geen vaccinatieplicht volkomen in het niet. Wat mij betreft dan hè, want er zullen altijd mensen zijn die zich zelfs over de kleinste tegenslag of hobbel ontzettend kunnen opwinden en maar blijven jeremiëren. Waarschijnlijk zullen we, sneller dan we nu denken, nostalgisch terugkijken op de beginjaren ’20 van de 21e eeuw: ‘Weet je nog dat we beetje lacherig begonnen met het hamsteren van wc-papier, en tegelijkertijd dachten dat het zo’n vaart niet zou lopen. Dat we voornamelijk in huis verbleven, en dat we nergens naar toe mochten? Weet je nog dat we mondkapjes moesten dragen in het ov en in de supermarkt. Dat we elkaar beter niet konden knuffelen en onze handen stuk moesten wassen?’
De grote vraag is nu wat er blijft hangen in de hoofden en harten van mensen die deze periode van Corona hebben meegemaakt. We hebben, me dunkt, toch genoeg me-time gehad om na te denken over onszelf, over het leven dat we hiervoor leidden en over de wereld om ons heen. Zelf denk ik dat het met ons Nederlanders in ons kleine gave landje uiteindelijk wel zal meevallen. Er komt heus wel weer een nieuwe regering, geen partij zit te springen om nieuwe verkiezingen en de derde informateur Johan Remkes giet desnoods hoogstpersoonlijk wat water bij de wijn.
En dan al die ophef over het grotendeels mislukken van de Afghanenevacuatie… Wat een ongelofelijke hypocrisie! Twee vrouwelijke ministers voelden zich genoodzaakt op te stappen na een motie van afkeuring. En wat er nog overgebleven is van het demissionaire kabinet buigt zich intussen in donkere achterkamertjes over nieuwe plannen die, humaan gezien, het daglicht niet kunnen verdragen. ‘Slimme’ ideeën en voorstellen om de nieuwe lichting vluchtelingen uit Afghanistan zover mogelijk van onze landsgrenzen weg te houden. De Britse kustwacht is al aan het oefenen om migrantenbootjes met lange stokken terug te duwen, huppetee terug in de zee. Toen ik dat beeld op het internet zag, en mijn ogen een beetje dichtkneep, had het zomaar een absurde sketch van Jiskefet kunnen zijn.