Wil Tjoa woont sinds 1965 in Edam en is 86 jaar. Sommigen beweren dat je nimmer een Edammer wordt, maar door 60 jaar aan sociaal- en maatschappelijke activiteiten voor de lokale gemeenschap voelt hij zich een Edammer.
Ben je sociaal en maatschappelijk actief?
“Toen in 1972 sporthal De Seinpaal in Volendam werd geopend, was ik medeoprichter van badmintonclub Waterland en tot 1984 voorzitter. Het was een nieuwe sport in de gemeente en we organiseerden veel activiteiten. In diezelfde periode was ik ook bestuurslid en jurylid bij atletiekvereniging Edam, waar bijzondere evenementen plaatsvonden, zoals een 24-uursloop en de IJsselmeerloop. In 1984 werd ik lid van schietsportvereniging De Vrijheid-Edam. Als bestuurslid maakte ik de overstap mee van de oude accommodatie aan het Oorgat naar het huidige complex aan de Nijverheidstraat. Door lichamelijke ongemakken heb ik in 2014 mijn lidmaatschap beëindigd.”—
Wat is je mooiste emotionele bezit?
“Dat zijn mijn twee kinderen en in het bijzonder mijn twee kleindochters (21 en 23 jaar). Mijn kleindochters beschouw ik als een toegevoegde waarde van mijn grootouderschap. Zij zijn niet alleen een grote steun voor mij, maar ik kan ook altijd een beroep op ze doen.”
Wat is je passie of hobby?
“Op mijn 12e verjaardag kreeg ik van mijn ouders een Kodak boxje. Sindsdien heb ik het fotograferen niet meer losgelaten. Het boxje werd in de jaren later vervangen door andere camera’s. Voor vrienden heb ik vele trouwreportages gemaakt. In mijn werk voor de kredietverzekering maatschappij NCM – huidige Atradius – in Amsterdam was ik o.a. bedrijfsfotograaf en maakte ik vele diapresentaties voor de Raad van Bestuur. De fotografie heeft mij nimmer losgelaten.”
Wat is je guilty pleasure?
“Mijn guilty pleasure is op een zomerdag ergens op een terras in Amsterdam te zitten met een drankje en een hapje én mensen kijken. Een andere guilty pleasure is op de stoep van de kapsalon van mijn schoonzoon Maurice aan de Noordermarkt te zitten met een cappuccino. Die gezelligheid van de buurt is onbetaalbaar.”
Wat is jouw grootste prestatie?
“De oprichting van onze stichting ‘Alle Beetjes Helpen’ in 2005, samen met Nel Eijk-Schäfer (secretaris) en Theo Buijten Azn (penningmeester). De stichting had als doel kansarme Indonesische kinderen de kans te geven een studie te volgen. In de 15 jaar tot en met 2020 hebben wij in Noord-Sumatra 18 kleuterscholen (gemiddeld 40 kleuters) voorzien van les- en speelmaterialen. Daarnaast ontvingen 43 middelbare scholieren beurzen, waardoor zij een hbo- en/of universitaire opleiding konden volgen. Ook ondersteunden wij financieel een Bijzondere School waar 60 kinderen met een beperking (6-16 jaar) doordeweeks intern verblijven.”
Wat is je levensmotto?
“Op mijn huidige leeftijd is het belangrijk dat je relaxed en free-wheelend door het leven gaat en daarmee de fysieke ongemakken op de koop toe neemt. Pluk de dag….”
Wat waardeer je het meest in je vrienden?
“Ik heb enkele vrienden met wie ik al ruim 50 jaar bevriend ben. We ontmoeten elkaar 2 of 3 maal per jaar. Van belang is het wederzijds respect jegens elkaar en daar waar nodig dat je elkaar helpt. Onze toekomst is overzichtelijk en niet meer zo ruim als voorheen. Meestal gaan daarom onze gesprekken ook hoe het vroeger toeging en dat de huidige wereld waarin we leven toch drastisch is veranderd.”
Wie is je favoriete componist?
“Ik ben klassiek georiënteerd. Bovenaan de reeks staat toch Chopin. In mijn vroege jeugd heb ik ooit pianolessen gehad, die door de verhuizing naar Nederland niet kon worden voortgezet. Verder luister ik graag naar de muziek van Beethoven en Mozart. De soms zware en heroïsche composities van Beethoven en het lichtvoetige werk van Mozart met uitzondering van de door hem gecomponeerde Requiem.”