
Foto: Piet Jonker – www.weidevenner.nl.
Op 15 december 1944 worden drie mannen uit Amersfoort en Tiel doodgeschoten bij de Hollandia aan de Jaagweg. Het maakt diepe indruk op de Purmerenders en na de oorlog wordt een monument opgericht, waar elk jaar honderden mensen tijdens een herdenkingstocht kransen en bloemen leggen. Ieder met eigen gedachten aan de tijd waarin mensen, familie, vrienden of kennissen verloren. Het is ook een moment van stilstaan bij het leed van de drie verzetsmannen, doodgeschoten uit wraak.
Gezien de enorme voedselschaarste besluit het verzet de suiker in de melkfabriek Hollandia weg te halen en te verdelen onder ziekenhuizen, bejaardentehuizen, tbc patiënten en scholen. 9 december wordt de portier, die op de hoogte is, losjes vastgebonden en op een plek neergelegd waar hij snel zal worden gevonden en de balen van honderd kilo worden met een melkwagen naar schuilplaatsen in en rond Purmerend gebracht. Al vroeg de volgende ochtend wordt de diefstal ontdekt en op 15 december worden drie willekeurige verzetsmannen uit de gevangenis aan de Weteringschans in Amsterdam naar de Jaagweg in Purmerend gebracht en doodgeschoten.
Getuige
Uitgehongerde mensen die met een karig maaltje groenten uit de Beemster lopend of met de fiets zonder banden, kruiwagen of kinderwagen bij de Beemsterbrug aan inbeslagname van het weinige voedsel weten te ontsnappen, zijn op weg naar Amsterdam en de politie krijgt opdracht de mensen op afstand te houden en zelf getuige te zijn van de executie. De dagelijkse melkboot vanuit Amsterdam wordt opgewacht bij de steiger en de bemanning door de agenten naar smederij van de fabriek gestuurd. Vanuit daar zijn ze getuige van het vreselijke gebeuren.
Massagraf
De drie gevangenen worden geboeid voor het hek op de dam naast de fabriek geplaatst en vrijwel meteen doodgeschoten. De Duitsers vertrekken snel weer richting Amsterdam en de hevig geschrokken mannen die gedwongen moeten toekijken, brengen de lichamen naar de aula van het Stadsziekenhuis. De volgende dag zijn de lichamen echter verdwenen en informatie bij het ziekenhuis levert niets op. Later wordt bekend dat de lichamen ‘s nachts zijn opgehaald door een voor de Duitsers werkende begrafenisondernemer uit Amsterdam en door hem zijn begraven in een massagraf in de duinen bij Overveen. Na de oorlog worden de gevonden slachtoffers geïdentificeerd en herbegraven. Jacob Schipper en Klaas de Graaf krijgen een laatste rustplaats op de Erebegraafplaats bij Bloemendaal. Waar Antonie Breetveld is herbegraven is niet bekend, maar zijn naam staat wel op de Erelijst van gevallenen 1940-1945.
Monument
De plek waar de executie plaatsvindt (Wezenland, een stuk weiland naast de melkfabriek) is eigendom van het Ned. Herv. Weeshuis. Inwoners hangen bloemen aan het damhek en het bestuur stelt de plek beschikbaar voor een gedenkteken. Architect Jan Plas ontwerpt een monument met drie zuilen en de namen van de omgekomen mannen met daarvoor een offerplaat voor bloemen. Aan de vooravond van de bevrijdingsfeesten in 1945 wordt het monument onthuld. Onder de vele belangstellenden zijn burgemeester mr. R. Kooiman, ir. J. Bellaart Spruijt, districtscommandant van Waterland, en een bataljon van de Binnenlandse Strijdkrachten, en ook nabestaanden van de slachtoffers zijn bij de plechtigheid aanwezig.
Herdenkingsstenen
Stichting Herdenkingsstenen Amersfoort herdenkt slachtoffers van het naziregime bij hun laatste woning in Amersfoort. Op 13 mei 2017 wordt in Amersfoort voor het laatste woonhuis van Jacob Schipper een gedenksteen onthuld en op 25 september 1919 wordt een steen voor Klaas de Graaf geplaatst. In Purmerend wordt door middel van struikelstenen herinnerd aan Jeanette Heigmans (Rusthoeve), familie Zwart (Thorbeckekade) en Klaas de Boer (Julianastraat).