Merel Conijn maakt geen deel uit van de Nederlandse ploeg voor het komende WK allround. De Koninklijke Nederlandsche Schaatsenrijders Bond (KNSB) heeft besloten drie rijdsters rechtstreeks aan te wijzen voor het toernooi: Antoinette Rijpma-de Jong, Joy Beune en Marijke Groenewoud. Daarmee zijn alle beschikbare Nederlandse startplekken ingevuld.
De bond week bij deze selectie af van de gebruikelijke kwalificatieprocedure. Normaal gesproken worden startbewijzen verdeeld op basis van prestaties tijdens nationale kampioenschappen, maar ditmaal koos de selectiecommissie ervoor om vooraf drie schaatssters aan te wijzen. Volgens de bond lagen de prestaties dicht bij elkaar en speelde ook de internationale kalender een rol in de afweging.
Voor Conijn pakt het besluit ongunstig uit. De specialiste op de 3000 en 5000 meter behoort de afgelopen seizoenen tot de stabiele krachten op de lange afstanden en reed meerdere sterke internationale resultaten. Toch krijgt zij geen kans om zich via een kwalificatietoernooi alsnog in de ploeg te rijden, doordat alle plekken reeds vergeven zijn.
Het besluit zorgt voor stevige discussies binnen de schaatswereld, omdat het afwijkt van eerdere vastgestelde selectiecriteria. Waar sporters doorgaans hun plaats op het ijs moeten afdwingen, werd nu gekozen voor een directe aanwijzing door de technische staf.
Voor Conijn betekent het mislopen van het WK allround een tegenvaller in een seizoen waarin zij haar positie in de wereldtop verder wilde verstevigen. Haar focus blijft echter liggen op de lange afstanden, waar later in het seizoen nog internationale wedstrijden op het programma staan.