
De rechtbank Noord-Holland heeft een man veroordeeld tot een gevangenisstraf van 16 maanden voor zware mishandeling. De verdachte werd vrijgesproken van poging tot doodslag, maar volgens de rechtbank is wel bewezen dat hij het slachtoffer met een mes in het gezicht, de hals en hoog op de borst heeft gesneden. Het incident vond plaats op 2 maart 2024 in een woning in Purmerend. Daar ontstond ruzie tussen de verdachte en het slachtoffer. Tijdens die ruzie zou de verdachte boven op het slachtoffer zijn gaan zitten en hem met een mes hebben gesneden. Het slachtoffer liep daarbij meerdere snijwonden op, waaraan hij blijvende en ontsierende littekens heeft overgehouden.
De rechtbank oordeelde dat niet bewezen kan worden dat de verdachte heeft geprobeerd het slachtoffer van het leven te beroven. Een ernstige steekwond in de borst, die acuut levensbedreigend was, werd volgens de rechtbank niet door deze verdachte toegebracht maar door een ander. Daarom volgde vrijspraak voor poging tot doodslag. Wel acht de rechtbank bewezen dat de verdachte verantwoordelijk is voor de snijwonden in het gezicht, de hals en hoog op de borst. Die verwondingen hebben geleid tot blijvende littekens en worden daarom juridisch aangemerkt als zwaar lichamelijk letsel.
Bij het bepalen van de straf woog de rechtbank mee dat de verdachte tijdens een ruzie naar een mes heeft gegrepen. Ook speelde mee dat hij eerder is veroordeeld voor mishandeling. De rechtbank noemt het gebruik van een mes strafverzwarend. Naast de gevangenisstraf moet de verdachte een schadevergoeding betalen aan het slachtoffer. De rechtbank wees een bedrag van 7.885 euro toe: 385 euro voor materiële schade en 7.500 euro voor immateriële schade. Het slachtoffer had oorspronkelijk een hoger bedrag gevorderd, maar dat werd deels niet toegewezen omdat niet alle schade volgens de rechtbank rechtstreeks door deze verdachte is veroorzaakt.
Lees hier de gehele uitspraak van de rechtbank.